Paragrafen

Financiering

Onder financieringsrisico’s worden verstaan renterisico’s over vlottende en vaste schuld, kredietrisico’s, liquiditeitsrisico’s, koersrisico’s en valutarisico’s. Onze gemeente wordt alleen geconfronteerd met de twee eerstgenoemde risico's.
Renterisico – vlottende schuld (kasgeldlimiet)
In de Wet fido is een begrenzing opgenomen van de kortlopende middelen die gemeenten mogen opnemen, de zogenaamde kasgeldlimiet. De limiet bedroeg in 2020 € 65,2 miljoen ofwel 8,5% van het begrotingstotaal van € 767,2 miljoen.
Er heeft in 2020 geen overschrijding van de kasgeldlimiet plaatsgevonden.
Rapportage kasgeldlimiet (bedragen x € 1.000)

Ruimte (+)/Overschrijding (-)

Kwartaal 1

6.938

Kwartaal 2

35.560

Kwartaal 3

54.111

Kwartaal 4

55.609

We streven er naar om - binnen de wettelijke grenzen van de kasgeldlimiet - een zo groot mogelijk deel van de financieringsbehoefte te dekken met kortlopende leningen, tenzij er een aanzienlijke rentestijging op de kapitaalmarkt wordt verwacht. Deze werkwijze heeft een aantal voordelen. Ten eerste is de rente op kortlopende leningen vrijwel altijd lager dan op langlopende leningen. Gedurende 2020 bedroeg dit verschil ongeveer 0,32%. Bovendien trekken wij de benodigde korte financiering wekelijks aan. Het weektarief lag in 2020 gemiddeld 24 basispunten onder het tarief dat onze huisbankier in rekening brengt. Ten tweede ontstaat meer flexibiliteit.
Renterisico – vaste schuld (renterisiconorm)
De renterisiconorm begrenst de rentegevoeligheid van de vaste schuldpositie van de gemeente. Het renterisico wordt bepaald door de som van het bedrag aan aflossing en het bedrag aan renteherziening op de vaste schuld. De renterisiconorm bedraagt 20 procent van het begrotingstotaal. Dit houdt in dat maximaal 20 procent van het totaal van de begroting aan rentegevoeligheid onderhevig mag zijn.
In onderstaande tabel wordt deze norm afgezet tegen de feitelijke situatie. Hieruit blijkt dat wij - geheel conform begroting - ruim binnen de gestelde norm zijn gebleven.

Bedragen x € 1.000

Rekening 2020

Begroting 2020

Begrotingstotaal 2020

767.178

767.178

Het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage

20%

20%

Renterisiconorm

153.436

153.436

Toets Renterisiconorm

Renterisiconorm

153.436

153.436

Renterisico op vaste schuld

22.942

40.000

Ruimte (+) / Overschrijding (-)

+130.493

+113.436

Kredietrisico
Kredietrisico’s ontstaan enerzijds door het verstrekken van leningen, anderzijds door het verstrekken van gemeentegaranties. Het treasurystatuut bepaalt dat uitzettingen en garanties alleen tot stand komen indien zij een publieke taak dienen.
Bij het beoordelen van verzoeken om leningen of garanties te verstrekken wordt in elk geval nagegaan of voor de sector waarin de instelling werkzaam is een zogenaamd waarborgfonds bestaat. Ondanks deze terughoudendheid is het latente kredietrisico de laatste jaren enigszins toegenomen. Banken zijn terughoudender geworden met financiering, waardoor juist minder financieel solide organisaties een beroep op de gemeente doen. De gevolgen van Coronapandemie zijn daar in 2020 nog bovenop gekomen.
De gemeente heeft in 2020 geen leningen afgewaardeerd en is niet aangesproken op haar garanties.

Deze pagina is gebouwd op 05/31/2021 09:15:28 met de export van 05/28/2021 13:14:53